Tico's

Voetbal

Voetbal in Costa Rica!

Voetbal

Voetbal is na het Katholicisme de ándere religie in Costa Rica. Eén van de eerste vragen die je gesteld worden als je in het land woont is of je ‘morado’ (paars, de clubkleuren van de hoofdstedelijke club Saprissa) bent of ‘rojinegro’ (zwartrood, de kleuren van de grootste rivaal uit Alajuela). Op straat zie je veel mannen én vrouwen in voetbalshirtjes gehuld, ook van buitenlandse clubs. Veel Costaricanen weten verdacht veel over bijvoorbeeld het Nederlandse voetbal en zijn altijd bereid hun kennis volledig te etaleren. Het is een makkelijk onderwerp voor een gesprek met een Tico. De ‘naranja mecánica’, zoals het Nederlands elftal hier heet dat in 1974 furore maakte, is een begrip in dit land.

Elk dorp (hoe afgelegen ook) heeft een kerk heeft én een voetbalveld, liefst naast elkaar gelegen. Voetbalvelden ontbreken zelfs niet bij de inheemse bevolking in hun territoria. In hun vrije tijd, als de  Costaricanen met hun families opstap zijn hoort een ‘mejengue’, een partijtje, erbij.

 

De Costaricaanse eredivisie heet Primera División en bestaat uit 12 ploegen die een (betaalde) dubbele competitie spelen: een ‘zomertoernooi’ en een ‘wintertoernooi’. De clubs zijn in twee pouls opgedeeld waarvan de nummers 1 en 2 in play-offs tegen elkaar uitkomen voor de halve finales. De winnaars spelen dan resp. om het zomer-,  en winterkampioenschap. Het nationale kampioenschap wordt gespeeld tussen de zomer-, en winterkampioen.

Het is  een lang seizoen waarin de clubs verschillende malen per jaar tegen elkaar spelen. Er is erg veel voetbal op de TV te zien. Sowieso de wedstrijden van het ‘Ajax’ en ‘Feyenoord’ van Costa Rica (Saprissa en Alajuela) worden live uitgezonden. Die enorme media-aandacht zorgt er wel voor dat de stadions in Costa Rica leeg zijn. Slechts de top-3 trekken enkele duizenden toeschouwers per wedstrijd (en dan is het ook echt gezellig in het stadion), maar als er meer dan enkele honderden bij een wedstrijd van een minder belangrijke club zitten is het veel.

Hoewel de twee beste clubs van het land tot de beste van Midden-Amerika behoren en regelmatig de CONCACAF-beker winnen (de Noord- en MiddenAmerikaanse tegenhanger van de oude Europa Cup 1), vertrekken de beste voetballers als het even kan uit Costa Rica om in sterkere competities te spelen. In buitenlandse competities wordt beter betaald en de onderlinge verschillen tussen de clubs zijn veel kleiner, waardoor de competities veel spannender zijn. De spelers vertrekken naar Guatemala en liever nog naar Mexico en de VS. In het seizoen 2006-2007 spelen slechts enkele Costaricanen in Europa: Gilberto Martínez bij AS Roma in Italié speelt voor een gerenommeerde club. Verder spelen Saborio speelt voor het Zwitserse  Sion en Randall Azofeifa en het grootste talent Bryan Ruiz voor AA Gent in België.

De enige twee Costaricanen die ooit voor een Nederlandse club zijn uitgekomen zijn het ‘enfant terrible’ Froylán Ledezma (Ajax) en Douglas Sequira (Feyenoord).
   

Twitter

Vind ik leuk

Adverteren